Slimme landbouw is de toekomst, en boeren zitten op een grote bergkostbare informatie

Geplaatst op Geupdate op

Wetenschappers, bedrijven en over­heden weten het zeker: slimme land­bouw is de toekomst. Maar terwijl boe­ren steeds meer data verzamelen over hun aardappels, koeien en varkens, blij­ven drie cruciale vragen onbeantwoord.

Wie is eigenaar?

Voorheen gingen fabrikanten van machines ervan uit dat zij de eige­naar waren van de data die hun trac­tor of melkmachine verzamelt. Die tijd lijkt voorbij: steeds meer brancheorgani­saties zetten zwart-­op-­wit dat de boer de eigenaar is. Boeren mogen zelf bepalen met wie de data wordt gedeeld en waar de data voor wordt gebruikt. Ook moeten de systemen zo zijn gebouwd dat de data gemakkelijk kun­nen worden overgezet naar een tractor of melkrobot van een concurrerende fabrikant. Dit is nog niet de praktijk, constateert IT­-expert Sjaak Wolfert van Wageningen Economic Research. Wie een tractor van merk A koopt, zit net als de koper van een Apple-­product veelal aan het merk vast. In de kleine lettertjes van een contract staat ook vaak dat de boer de data van zijn machines niet met derden mag delen. Wolfert: ‘Het is net als met de algemene voorwaarden van Google of Facebook. Vaak klik je op oké en denk je: het zal wel.’

Wat levert het op?

Prominent op twee: wat leveren de data die de boer doorstuurt naar een machinefabrikant, coöperatie of zaadleverancier de boer zelf op? In de praktijk betalen boeren twee keer voor nieuwe technologie, constate­ren ABN Amro en adviesbureau Farm­hack. De eerste keer bij aanschaf van software waarmee een boer informatie over koeien of aardappelen verzamelt. De software stuurt de data gratis naar de maker van de sensor of de melk machine, soms zonder dat de boer daarvan op de hoogte is. De machinefabrikant gebruikt de gegevens om zijn dienstverlening te verbeteren en nieuwe diensten te ontwikkelen, bijvoorbeeld door data te combineren.

De boer moet voor deze diensten een tweede keer zijn portemon­nee trekken. Hij koopt zijn eigen data als het ware terug. Een eerlijke verdeling van kosten en opbrengsten bestaat in de landbouw nog niet. In de luchtvaart zijn ze een stuk verder, zegt Sander Klous, hoogleraar Big Data Ecosystems aan de Universiteit van Amsterdam. Vliegtuigmaatschappijen bedongen aanvankelijk een paar pro­cent korting als zij data deelden met de fabrikanten van straalmotoren. Maar die fabrikanten bleken dankzij de data geld te kunnen besparen op het testen van de motoren. Bovendien verdienden ze er extra geld mee door luchtvaartmaat­schappijen tegen betaling adviezen te ge­ven, bijvoorbeeld over het optimaal laten draaien van de motor om brandstof te besparen.

De luchtvaartmaatschappijen realiseerden zich dat de data veel meer waard waren dan de korting, zegt Klous. ‘Dat heeft geleid tot overeenkomsten waarbij de waarde van data duidelijk is benoemd. Als fabrikanten de data van de motoren willen gebruiken, dan betalen ze daar ook voor.’ Het zal nog een aantal jaren duren alvorens dit soort verdienmodellen ook in de landbouw ingang vinden, voorspelt onderzoeker Evert van den Akker van TNO. ‘Zolang de data in de landbouwsec­tor blijven, leiden betalingen aan boeren alleen maar tot hogere prijzen van de nieuwe producten en diensten. Dan ben je geld aan het rondpompen. Maar als bedrijven de data van boeren gaan delen met partijen buiten de sector, zoals levensmiddelenfabrikanten die inzicht willen hebben in de voedselveiligheid, dan moeten boeren betaald krijgen.’

Is privacy gewaarborgd?

Melkveehouder Marc Havermans kan zich niet voorstellen dat de data van zijn 275 koeien interes­sant kunnen zijn voor hackers of door bedrijven voor andere doeleinden wordt gebruikt. Onderzoeker Marc­Jeroen Bogaardt van Wageningen Economic Research weet wel beter. Zo hebben Amerikaanse vlees­ kuikenfokkers in februari enkele vlees ­verwerkers voor de rechter gedaagd. Ze verdenken de bedrijven ervan hun data te gebruiken om de vleesprijzen kunst­matig laag te houden. Een derde partij die alle gegevens van de boeren verza­melt, Agri Stats, zou de informatie niet goed geanonimiseerd hebben. Daardoor kregen verwerkers per bedrijf inzicht in de prijzen die hun concurrenten betaal­den voor vleeskuikens. Deze informatie zouden ze hebben gedeeld. ‘De zaak roept de vraag op in hoeverre veehouders nog zeggenschap hebben over hun data’, zegt Bogaardt. De Amerikaanse start­up Farmers Business Network laat overigens zien wat voor voordelen het delen van data kan bieden. Het bedrijf heeft een database ontwikkeld met daarin de geanonimi­seerde gegevens van 3400 landbouwbe­drijven in de Verenigde Staten, waaron­der 5.000 facturen. Daardoor kan boer A zien dat hij veel meer voor maïszaad van fabrikant X heeft betaald dan boer B, terwijl de opbrengst veel lager is. In twee jaar tijd heeft het bedrijf al bijna $ 84 mln. opgehaald, onder andere van Google Ventures.

Veehouder wordt databoer

Melkveehouder Marc Havermans weet alles van zijn 275 koeien. Door de moderne machines en sensoren zit hij nu twee keer per dag achter de computer op zijn kantoor om de data te analyseren. Zo meten de melkrobots de melkuitgifte per koe per dag, inclusief het vet, eiwit en lacto­se gehalte. Speciale software waarschuwt hem als de kwali­teit van de melk onvoldoende is. De computer rekent per dag ook het krachtvoer per koe uit. Een bewegingsmelder houdt de beweging van de koe in de gaten en geeft een seintje als het de juiste tijd is om te insemi­neren. Een zender om de hals van de koe berekent op basis van het geluid het aantal ‘her­kauw-minuten’. Als een koe bijvoorbeeld van streek is, kauwt ze minder. Door de tech­nologie kan Havermans met anderhalve fte een stal van 275 koeien runnen. ‘Ik kan niet alle koeien in de gaten houden, de computer kan dat wel.’ Tegelij­kertijd benadrukt Havermans dat hij nog te weinig van de data profiteert. Doordat elke machine zijn eigen systeem heeft en enkele grote fabrikan­ten de markt domineren, is het moeilijk om data te combine­ren. Ook zijn er nog te weinig partijen die zijn data kunnen interpreteren. Er zijn wel advi­seurs die analyses willen maken, maar dan wel tegen € 80 per uur. Als hij fabrikanten opbelt met de vraag wat zij met zijn data doen, begrijpen ze niet waar hij het over heeft. ‘Het is een continue strijd.’

Beperkte inzet nieuwste technologie

Slimme landbouw mag dan de toekomst zijn, het aantal boeren dat gebruik maakt van de nieuwste technologie is nog beperkt, blijkt uit cijfers van de universiteit Wageningen. Zo heeft slechts 5% van de melkveehou­ders een geavanceer­de stal die volhangt met sensoren. De mel­krobot is ruim dertig jaar na de introductie bij 20% in gebruik. Sommige experts geven dan ook priori­teit aan kennis ver­spreiding: door snel handige toepassingen te ontwikkelen, gaan boeren het nut inzien van de technologie. De aanwezigheid van een dominante partij kan dit proces versnellen, helemaal als die gratis zijn missiewerk kan doen. Als ontwikke­laars al vanaf het begin af aan moeten betalen voor de data van de boer, komt de innova­tie immers niet op gang, zo is de gedach­te. Afspraken over privacy — denk aan Facebook of Google — kunnen later altijd nog worden gemaakt. Anderen stellen juist dat kritische vragen over privacy en ver­dien modellen zo vroeg mogelijk gesteld moe­ten worden, omdat boeren, en vaak ook brancheorganisaties, zelf onvoldoende op de hoogte zijn van de nieuwe technologie en de potentiële opbreng­sten en risico’s. De angst is dat straks niet de boer de baas op zijn erf, maar de techno­logie leveranciers.

bron: FD 06/07/2017

Advertenties